Overslaan en naar de inhoud gaan

Restauratie van een huisaltaar

Sinds kort kan u in de vaste opstelling dit rijk versierde barokke huisaltaar bewonderen. Het collectiestuk bevond zich jarenlang in het centraal depot van de musea, maar staat nu te blinken in het Rubenshuis. Restauratoren Martijn Breunesse en Marc Leenaerts gaven het meesterwerkje zijn pracht en praal van weleer terug. Het schilderijtje dat het hart vormt van dit pronkobject is een kopie in miniatuur naar een werk van Rubens. Hiermee is de link met Rubens en zijn huis compleet.

Het pas gerestaureerde huisaltaar illustreert treffend hoe Rubens’ artistieke productie ook de Antwerpse luxe-industrie inspireerde. Omlijst met 31 edelstenen (agaten) in zettingen van verguld koper, vormt het schilderijtje de devotionele focus van het altaar. De kostbare materialen onderstrepen het religieuze statuut van de uitgeschilderde figuren en tegelijk ook de status van de eigenaars van dit precieuze staaltje meubelkunst. 

Het centrale schilderijtje stelt Christus en Maria voor in het gezelschap van haar ouders, de heilige Anna en de heilige Joachim. Het is een kopie naar een werk dat Rubens rond 1630 maakte en dat zich vandaag in het Prado in Madrid bevindt.

Vijf vragen aan restaurator Martijn Breunesse

Waarom werd het huisaltaar gerestaureerd?

Martijn: “Het huisaltaar bevond zich al jaren in het centraal depot van de musea, waar het in een matige toestand verkeerde. Hierdoor was het kunstobject niet geschikt om tentoon te stellen in het museum. Omwille van de historische waarde en de uitzonderlijke materiaaltechnische kwaliteit werd een restauratietraject opgezet in samenwerking met het Rubenshuis.”

Wat stelt het voor?

Martijn: “Het is een huisaltaar uit de barokperiode. Het werk dateert uit 1660 en kwam tot stand amper 20 jaar na de dood van Rubens. Het centrale schilderijtje is een kopie in miniatuur van een schilderij van Rubens dat in het Prado hangt. Omwille van die link is het huisaltaar destijds in de collectie van het Rubenshuis beland. Vooraan, onder het schilderijtje, is een soort steenimitatie aangebracht die we niet vaak op dit soort werken aantreffen. Het werk is door zijn samenstelling een wel heel apart meubelstukje.”

Wat heb je precies gedaan?

Martijn: “Wat na restauratie vooral opvalt, is het opgepoetste metaal. De goudkleur blinkt terug. Door de jaren heen is corrosie ontstaan waardoor de gouden kleur donkerder is geworden en de glans verdwenen is. Ook de kleur van de schildpadschelp was aangetast door de tand des tijds. Dat zijn de donkerrood gevlekte delen. Die zijn ook erg breekbaar, dus daar was veel schade. Zo’n schelp van een schildpad kwam van ver en was in de 17de eeuw een zeer kostbaar materiaal. Het was ook heel geliefd om mee te pronken. De schelp werd tot dunne plakken geschuurd, gepolijst en gekleefd met lijm waar een rood pigment doorheen gemengd werd. De plekken waar stukjes schelp ontbraken, vulden we op met kunststof. Een restauratie met het oorspronkelijk materiaal was niet mogelijk, omdat schildpadden vandaag een beschermde diersoort zijn. De zwarte ebbenhouten profieltjes die verloren gegaan zijn, werden wel vervangen in het originele materiaal, omdat het ebbenhout geen beschermde houtsoort is. Mijn collega restaurator Marc Leenaerts behandelde het schilderijtje. Na een grondig vooronderzoek verwijderde hij de oude retouches, waardoor de heldere penseelstreken opnieuw zichtbaar werden. Marc gaf het miniatuurwerkje ook een nieuwe vernislaag.”

Het schilderijtje voor en na restauratie

Was het moeilijk om dit object te restaureren?

Martijn: “Enkele jaren geleden heb ik een kabinetkast uit de collectie van het MAS/Vleeshuis gerestaureerd waarin dezelfde materialen en technieken gebruikt werden. Die expertise kwam bij deze restauratie goed van pas. Het lastige is dat dergelijke meubels redelijk wat verborgen gebreken hebben. Bij dit werk bijvoorbeeld hingen veel onderdelen nog maar half aan mekaar vast. Dat komt omdat de lijm langzaam aan het afbrokkelen was. De restauratie van het huisaltaar was dan ook een werk van lange adem.”

Ben je tevreden over de restauratie?

Martijn: “Absoluut. Het huisaltaartje staat terug in het museum en het straalt weer als vanouds. Als restaurator geeft dat een goed gevoel. Het unieke meubelstuk is een echte eyecatcher geworden, het ademt opnieuw pracht en praal uit zoals het oorspronkelijk bedoeld was.”

 

Specificaties

Huisaltaar, Antwerpen, ca. 1660

Eikenhout belijmd met ebbenhout, schildpad, agaat, verguld koperen ornamenten en een schilderij in olieverf op koper.

Schrijf je in op de nieuwsbrief