Skip to main content

François du Quesnoy

Dit reliëf illustreert een verhaal van de Romeinse dichter Vergilius (70 v.C.-19 n.C.). Links slaapt de oude drinkebroer Silenus, leermeester en metgezel van de wijngod Bacchus, zijn roes uit. Samen met zijn ezeltje wordt hij geplaagd door een horde vrolijke saters en putti, bijgestaan door een nimf. Het thema van Silenus als voorbeeld van onmatigheid kende in de zeventiende eeuw een grote populariteit. Ook Rubens heeft Silenus’ dronkenschap meer dan eens in beeld gebracht.

Het reliëf werd vervaardigd door de Brusselse beeldhouwer Frans Duquesnoy die zich in Rome had gevestigd. Voor de diepblauwe achtergrond van het reliëf gebruikte hij de kostbare halfedelsteen lapis lazuli. Du Quesnoy’s Slaap van Silenus moet een bijzonder kostbaar object zijn geweest. 

Foto Ans Brys

Grote bewondering

Rubens koesterde een grote bewondering voor Du Quesnoys putti. In 1638 had hij van de beeldhouwer uit Rome pleisterafgietsels ontvangen van diens beroemde putti van het epitaaf van Ferdinand van den Eynden in de Santa Maria dell’Anima. In zijn bedankbrief aan Du Quesnoy prijst hij de putti om hun natuurlijkheid, die uitstijgt boven de kunst waaruit ze zijn voortgekomen, en om hun marmer dat zacht is als levend vlees. Of het werk van Du Quesnoy ook in Rubens’ collectie was vertegenwoordigd, is onbekend.

Uit de verzameling van de Spaanse koning

Het reliëf in het Rubenshuis komt vermoedelijk uit de verzameling van de Spaanse koning die het cadeau had gekregen van kardinaal Barberini, de latere paus Urbanus VIII. In zijn biografie van François du Quesnoy, bijgenaamd ‘il Fiammingo’ (de Vlaming),  beschrijft Giovan Pietro Bellori uitvoerig enkele reliëfs van de beeldhouwer, waaronder een ‘Sileno […] dormendo ubbriaco’, een inventie die in marmer moest worden uitgevoerd. Het modello van deze sculptuur zou in de studiolo van de oudheidkundige Cassiano dal Pozzo, de secretaris van kardinaal Francesco Barberini en een van de correspondenten van Rubens, zijn geweest. Tot het begin van de 18de eeuw is dit terracotta inderdaad in dal Pozzo’s nalatenschap naspeurbaar. De vraag of de Slapende Silenus ooit in steen is gehakt, blijft nog niet beantwoord.

Foto Ans Brys

De wijze, dronken sater

Zoals Bellori vermeldt, gaat het thema van het reliëf terug op Vergilius. In de zesde ecloge van zijn Bucolica vertelt de Romeinse dichter hoe de oude Silenus, een wijze doch immer onder invloed verkerende sater die verantwoordelijk wordt gehouden voor de opvoeding van de wijngod Bacchus, tijdens zijn dronken slaap door twee jongens (pueri) gevangen wordt genomen. Zij krijgen gezelschap van de nimf Aegle, die het gezicht van Silenus met karmijnrode moerbeien beschildert. In ruil voor zijn vrijlating zingt de sileen welwillend over het ontstaan van de wereld en de kosmos; de mooie Aegle stelt hij echter een ander soort beloning in het vooruitzicht. Geheel links in de compositie is het moment weergegeven waarop Silenus heimelijk met wijnranken wordt gekneveld en zijn gelaat wordt gekleurd. Opmerkelijk daarbij is dat Du Quesnoy de twee pueri door een horde putti heeft vervangen, ook al lijken die zich als volwassenen te gedragen. Ze zijn een specialisme van de beeldhouwer, die werd geroemd om de zachtheid (tenerezza) waarmee hij mollige kinderlijfjes wist weer te geven en om de speelsheid van zijn voorstellingen. Zo zien we hier bacchantenknaapjes en kleine saters (panisci) die een wijnkruik delen, vechten om een wijnbeker, en de ezel overeind proberen te krijgen waarop Silenus traditiegetrouw wordt vervoerd.

 

Specificaties

  • François du Quesnoy (Brussel 1597 – 1643 Livorno), model
  • Slapende Silenus met putti, ca. 1636 (model) en vóór 1664 (uitvoering)
  • brons